Dat móet.

Tom poepte op de wc. Vorige maand. 2x thuis en 1x op school. Dolblij, vol hoop belde ik opa’s en oma’s, en deelde ik het met de wereld.

 

 

Daarna deed hij het niet meer. Niet één keer, hoe we hem ook aanmoedigden.

Tom dekte uit zichzelf de tafel, dat was zo mooi. Het bleef bij die ene keer.

Wat fijn! Zeggen mensen. Wat gaat hij vooruit hè. Gaat hij in de vakantie een midweek logeren? Wat geweldig zeg, zo’n logeerhuis. Wat een geluk.

Vanmorgen probeerde Tom steeds mijn bril van mijn hoofd te trekken. Mijn dure bril. Een gevecht. “Tom! Nee! Voorzichtig!”
In de houdgreep. De zenuwen door m’n keel.
Even later gooide hij Riannes viltstiften door de kamer. Een bak Lego. Een spinner, vlak langs de televisie. Hij gilde hard. Zo hard. Steeds weer. En waarom?

Zijn hobby ‘schuiven met meubels’ breidt hij uit, waardoor de computerkast beneden nu op instorten staat. Nee, het mag natuurlijk niet, maar hij is snel en ruw. Hij duwt steeds harder van zich af. Alles en iedereen.

Hij is pittig. Hij is moeilijk. Zeggen ze bij de opvang en bij het logeerhuis.

Ik word boos. Ik voel me machteloos. Verdrietig. En euforisch als Tom een stap vooruit doet. Want hoop doet leven.
Ik regel de zorg, zo goed als ik kan. Ik geef Rianne zoveel mogelijk aandacht.  Praat en lach met haar. Mijn man en ik staan samen sterk, maar zouden we het elkaar zo anders gunnen. Onze Rianne. En onze Tom.

Ik zie Toms radeloosheid. En zijn omslag na het gillen en tegen de muur schoppen. Hoe hij huilend bij me op schoot komt, zijn armen stijf om m’n nek. Op zoek naar troost, bescherming, warmte. Ik geef het hem zo graag. Ik hou zo veel van hem.

“Ik hoop dat ze hem wel leuk blijven vinden. Mensen. Begeleiders.” zeg ik tegen mijn man.
“Als hij alleen maar leuk was, hadden we al die hulp niet nodig.”
Goed punt.
“En toen je zelf dat werk deed, zorgde je toch ook graag voor de ‘moeilijke’ kinderen?” vroeg een vriendin.
Ja, natuurlijk.

Binnenkort brengen we hem weg. Voor vier nachten, naar het logeerhuis. En inderdaad, het is geweldig dat het kan. Even rust.

Ik check de weersvoorspelling en stel vier kledingsetjes samen. Vouw zorgvuldig vier pyjama’s op.
Zouden ze hem even knuffelen bij het naar bed brengen?
Een stapel reservekleding. Knuffels, toilettas, medicatie, luiers.

Heel even denk ik aan hoe het zal voelen als ik zijn tas in zal pakken voor langere tijd. Die keer dat ik weet dat hij alleen nog af en toe een weekend bij ons komt logeren. Dan stop ik die gedachte weg.
We gaan genieten en ontspannen. Dat móet.

Advertenties

Interview met Femke

Voor de afwisseling, dit keer een interview met onze thuisbegeleidster Femke.

 

 

Femke werkt sinds 2007 als begeleidster in de gehandicaptenzorg. Jarenlang deed zij dit werk in instellingen, en sinds december 2014 heeft zij haar eigen bedrijf, PGB-Loman. Sindsdien werkt zij als begeleidster in de thuiszorg, bij kinderen en jongvolwassenen met een verstandelijke beperking, autisme en/of ADHD. Lees verder

18 maanden

Gisteren kreeg Tom van school een onderzoeksverslag mee, gemaakt door een stagiaire van de orthopedagoog, na een periode van intensieve observatie. We hebben daar ooit toestemming voor gegeven, -waarom niet, als Tom er maar geen last van heeft-, en waren het allang weer vergeten. Lees verder

Hoe gaat het?

Het gaat goed hoor. We eten bloemkool vanavond. De bedden zijn verschoond. Alles loopt goed. Ik vergeet nooit een kind uit school te halen. Het gaat prima. Ik schrik van de telefoon, van de post, van e-mails, maar ik klets gezellig met vriendinnen. Ik bak pannenkoeken. Ik geef de planten water.
De lichten in de supermarkt lijken feller te worden. Ik moet nadenken waar ik iemand die mij groet ook alweer van ken. Er was iets belangrijks morgen. Maar wat? Lees verder

Tom

Het is 2.30 ’s nachts. Een half uur geleden kwam Tom, mijn zoon van 6, luidruchtig de trap van de 2e naar de 1e verdieping af. Na hem een schone luier te hebben gegeven, hem nog twee keer terug in bed te hebben gelegd, waarna hij er met veel geluid meteen weer uitkwam, heb ik het opgegeven en ben zo stil mogelijk met hem naar beneden gegaan, in de hoop dat man en dochter rustig verder zouden slapen. Lees verder