Blogjubileum

 

Vandaag is het precies vijf jaar geleden dat ik begon met EstherVandaag, mijn eigen blogsite. Het was spannend om mezelf een beetje bloot te geven. Om dagelijkse dingen in ons gezin, maar ook mijn gedachten en gevoelens te delen met -steeds meer- mensen. Lees verder

Advertenties

Afstand

Zijn vingertje volgt het patroon dat de traan op mijn wang achterlaat.
Een beetje verbaasd kijkt hij ernaar, en zegt zachtjes: “Nat.”
Hij veegt zijn vinger af aan zijn t-shirt, springt op en pakt zijn speelgoedhelikopter.
Lees verder

Ons vieren

The Lion King is twee minuten geleden sensationeel gestart. Ik kijk opzij in de glimmende ogen van m’n dochter.
“Dit zou Tom geweldig vinden!” fluistert ze tegen m’n wang.
Dat ze hieraan denkt, op dit moment, ontroert me.
Vijf minuten later voegt ze eraan toe: “Nee. Het is veel te druk voor hem. Hij zou weg willen.” Ik knik.

Lees verder

Dat móet.

Tom poepte op de wc. Vorige maand. 2x thuis en 1x op school. Dolblij, vol hoop belde ik opa’s en oma’s, en deelde ik het met de wereld.

 

 

Daarna deed hij het niet meer. Niet één keer, hoe we hem ook aanmoedigden.

Tom dekte uit zichzelf de tafel, dat was zo mooi. Het bleef bij die ene keer.

Wat fijn! Zeggen mensen. Wat gaat hij vooruit hè. Gaat hij in de vakantie een midweek logeren? Wat geweldig zeg, zo’n logeerhuis. Wat een geluk.

Vanmorgen probeerde Tom steeds mijn bril van mijn hoofd te trekken. Mijn dure bril. Een gevecht. “Tom! Nee! Voorzichtig!”
In de houdgreep. De zenuwen door m’n keel.
Even later gooide hij Riannes viltstiften door de kamer. Een bak Lego. Een spinner, vlak langs de televisie. Hij gilde hard. Zo hard. Steeds weer. En waarom?

Zijn hobby ‘schuiven met meubels’ breidt hij uit, waardoor de computerkast beneden nu op instorten staat. Nee, het mag natuurlijk niet, maar hij is snel en ruw. Hij duwt steeds harder van zich af. Alles en iedereen.

Hij is pittig. Hij is moeilijk. Zeggen ze bij de opvang en bij het logeerhuis.

Ik word boos. Ik voel me machteloos. Verdrietig. En euforisch als Tom een stap vooruit doet. Want hoop doet leven.
Ik regel de zorg, zo goed als ik kan. Ik geef Rianne zoveel mogelijk aandacht.  Praat en lach met haar. Mijn man en ik staan samen sterk, maar zouden we het elkaar zo anders gunnen. Onze Rianne. En onze Tom.

Ik zie Toms radeloosheid. En zijn omslag na het gillen en tegen de muur schoppen. Hoe hij huilend bij me op schoot komt, zijn armen stijf om m’n nek. Op zoek naar troost, bescherming, warmte. Ik geef het hem zo graag. Ik hou zo veel van hem.

“Ik hoop dat ze hem wel leuk blijven vinden. Mensen. Begeleiders.” zeg ik tegen mijn man.
“Als hij alleen maar leuk was, hadden we al die hulp niet nodig.”
Goed punt.
“En toen je zelf dat werk deed, zorgde je toch ook graag voor de ‘moeilijke’ kinderen?” vroeg een vriendin.
Ja, natuurlijk.

Binnenkort brengen we hem weg. Voor vier nachten, naar het logeerhuis. En inderdaad, het is geweldig dat het kan. Even rust.

Ik check de weersvoorspelling en stel vier kledingsetjes samen. Vouw zorgvuldig vier pyjama’s op.
Zouden ze hem even knuffelen bij het naar bed brengen?
Een stapel reservekleding. Knuffels, toilettas, medicatie, luiers.

Heel even denk ik aan hoe het zal voelen als ik zijn tas in zal pakken voor langere tijd. Die keer dat ik weet dat hij alleen nog af en toe een weekend bij ons komt logeren. Dan stop ik die gedachte weg.
We gaan genieten en ontspannen. Dat móet.

Trots

Soms gebeurt er zomaar iets bijzonders, vaak net als je niet zo veel meer verwacht.

Tom is de laatste tijd weer druk met het verplaatsen van meubels, voor de overige gezinsleden een bron van irritatie. Hij kan zich soms goed vermaken met wat bij elkaar geschoven stoelen en kussens erbij, dus daarmee laten we hem vaak z’n gang gaan. Het is al moeilijk genoeg om hem bezig te houden, er is zo weinig wat hem boeit. Maar hij zoekt de grenzen op, en wij zoeken mee. Lees verder