In de tandartsstoel

Het was de derde wakkere nacht deze week. De eerste kreten van Tom klonken al om 2:30 uur. Langzaamaan steeds harder en een kwartier later gecombineerd met gebonk tegen de muur. En toen ook nog geschreeuw. “Mamaaaaaaa!”
De rest van de nacht sliep hij niet meer, en deed ik mijn best hem zo rustig mogelijk te houden.

Waarom? We weten het niet. Ook overdag zien we een toenemende onrust bij Tom. Het opzoeken van grenzen is zijn grootste hobby momenteel. Een puber is hij. Zijn lichaam groeit door, en er zijn natuurlijk allerlei hormonale veranderingen. Dat speelt vast een rol, maar waar de onrust precies vandaan komt is altijd moeilijk te zeggen. We weten ook niet precies wat er gebeurt op school, de NSO of het logeerhuis, en hoe Tom bepaalde dingen ervaart. Hij kan het niet vertellen. Veel meer dan structuur, duidelijkheid en liefde geven kunnen we niet.

Het ging een hele tijd ontzettend goed, het slapen, en het is weer even wennen nu. Aan de wazigheid van het slaapgebrek.

De dag begon dus al vroeg. En dat met een spannende gebeurtenis op de planning: naar de tandarts.

Halverwege 2015 gingen we met Tom naar het UMC voor tandarts-controle. (link) Onder volledige narcose, aangezien dat de enige optie bleek. Een heftige ervaring voor Tom en voor ons als ouders. Met name het moeizaam onder narcose brengen was akelig, en iets wat ik nooit zal vergeten.

Een paar jaar later vond ik het wel weer tijd worden om Tom z’n gebit te laten controleren. Maarja … waar en hoe? Ik zag er als een berg tegenop om hiermee aan de gang te gaan. Bovendien was er steeds weer iets anders wat aandacht vroeg. In de loop van 2018 ging Toms gebit er echter steeds gekker uitzien. Grote uitstekende hoektanden bepaalden zijn gezichtsuitdrukking.

Met een ingezoomde gebitsfoto vroeg ik raad op Twitter, met eigenlijk als enig doel gerustgesteld te worden. Ik werd overladen met goed bedoelde, tegenstrijdige en zelden geruststellende reacties, en haalde de tweet weer weg.

Eind 2018 merkten we steeds vaker dat Tom raar deed met zijn onderkaak. ‘Kinnebakkie’ werd zijn nieuwe koosnaam. Of hij ook echt ergens last van had was niet duidelijk. Met tanden poetsen en eten merkten we niks bijzonders. Toch bleef het knagen. We moesten hier iets mee.

Bij de organisatie waar Tom logeert vonden we een praktijk voor tandheelkunde, speciaal voor mensen met een verstandelijke beperking. Hier zou Tom zo nodig ook onder narcose behandeld kunnen worden. Na een prettig telefoongesprek, het invullen van een paar vragenlijsten en wat geregel met de verzekeringsmaatschappij, kon eindelijk de eerste afspraak worden gemaakt.

Bij het invullen van de vragenlijsten merkte ik al: deze mensen hebben er verstand van. Vragen als “Als de cliënt bang is, hoe kunnen we hem/haar dan het best geruststellen?” en “Hoe kan de cliënt duidelijk maken wat hij wil?” gaven mij een prettig gevoel. Alsof ze ons bij voorbaat begrepen. Tom zou hier niet vol verbazing en schrik bekeken worden.

Vanmiddag was het zover. Rianne had het gezellig bij een vriendinnetje, en m’n man en ik konden samen met Tom op pad. Tom was goed voorbereid. We hadden geoefend met in z’n mond kijken en een duidelijke planning gemaakt. Eerst autorijden, dan naar de tandarts, de mevrouw gaat in je mond kijken, dan naar de speeltuin, dan een ijsje. Hij wist het precies.

Wat we echt nooit hadden verwacht: Tom ging in de stoel zitten. Aarzelend, met weinig zin, maar hij deed het. Liggen wilde hij niet, maar zitten was al heel goed. De assistente telde een paar keer tot vijf en zo kon de tandarts heel zijn gebit bekijken. Ongelooflijk. Het ging heel snel. Hij mocht daarna meteen uit de stoel, hij kreeg een ‘boks’ en mocht een cadeautje uitkiezen. Een molentje.

Geweldig! Wat een opluchting. Kippenvel had ik. En het mooiste: de tandarts zag niets geks aan zijn gebit, of iets waarvoor een behandeling nodig zou zijn.

Over drie maanden gaan we weer, hetzelfde ritueel, zodat Tom eraan went. Natuurlijk kan het een volgende keer heel anders gaan, en als er echt grondig gekeken of behandeld moet worden zal narcose onvermijdelijk zijn, maar dit was echt een succeservaring! Die hadden we nodig.

Tom was blij dat de zon scheen. Toen we weer thuis waren mocht hij lekker op de trampoline met de parasol erbij, met een heleboel knuffels en kussens. En voor het eerst dit jaar gingen we “buiten tafel dekken!”. Nog een paar keer zeiden we: “Je bent een kanjer, Tom!” Wat hij met plezier herhaalde.

Moe zijn we, van deze week, van deze nacht. Er is veel om over te piekeren, maar zolang er af en toe -onverwachts- iets positiefs gebeurt helpt dat je weer verder. Aardige, deskundige mensen door wie je je echt begrepen voelt. Tom die zó in een vreemde tandartsstoel stapt, ondanks dat hij het spannend vindt. In zijn mond laat kijken door een vreemde, omdat hij lijkt te begrijpen dat dat gewoon even nodig is. De kanjer. Zoiets geeft weer positieve energie. En hoop voor de toekomst.

4 thoughts on “In de tandartsstoel

  1. Mijn zoon moest ook onder volledige narcose omdat dit de enige optie was. En inderdaad, dat vergeet ik nooit . Een kalmeermiddel voordien wou hij niet nemen dus moest ik mee naar de operatiezaal en meehelpen om hem toch maar het gas te laten inademen. Het werd een waar gevecht. Nadien was ik een wrak. Nu zitten we in de fase van een beugel. ik hou mijn hart al vast.
    Goed gedaan Tom !

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s