De anesthesist

Vanmiddag moesten we met Tom naar de poli anesthesiologie van het Wilhelmina Kinderziekenhuis. Dit in verband met de komende tandartscontrole onder algehele narcose. (zie ook blog “De tandarts”)

Toen ik een paar maanden geleden die afspraak maakte, vroeg ik of dit contact niet telefonisch kon plaatsvinden, omdat het waarschijnlijk nogal een toestand zou worden. Tom onderzoeken is bijna niet mogelijk en een rustig gesprek voeren met hem erbij ook niet, legde ik uit.
Als eerste kreeg ik de reactie die ik al vaak kreeg: “We zijn wel wat gewend hoor!”
“Nee!” wilde ik gillen. “Dat dénken jullie maar!”
Rustig legde ik uit hoe de tandartsafspraak was verlopen. Het gegil, het gevecht, de bloeduitstortinkjes.
“Echt mevrouw, het is echt heel belangrijk dat de anesthesist Tom even ziet, en er worden geen uitzonderingen gemaakt”.

Gisteren verzamelde ik moed en belde toch nog een keer naar het ziekenhuis. “Morgen komen we met onze zoon Tom.”
En weer vertelde ik hoe hij is. Alsof ik over een monster praatte. Mijn lieve ventje. Tja, het haalt nou eenmaal niet het beste in hem naar boven, bezoekjes naar onbekend terrein, met vreemde luchtjes, mensen in witte kleding, waarbij je moet wachten en niet precies weet waarop.

Wéér vroeg ik of het echt noodzakelijk was.
Dat was het.
En of we dan alsjeblieft niet lang zouden hoeven wachten.
Dat kon ze uiteraard niet beloven, maar ze zouden hun uiterste best doen.
“En… we zijn wel wat gewend hoor, mevrouw!”

Samen -want zoiets doen we samen- halen mijn man en ik Tom een paar uur eerder uit school.
“Auto!” roept hij blij. “Opa en oma?”
“Nee Tom, we gaan naar de dokter. Even praten.”
Een korte klagende kreet.
“En Tom krijgt een cadeautje. En rozijntjes. En daarna gaan we lekker naar huis.”
“Chippies?”
“Ja, thuis krijg je chips. En gaan we ballonnen opblazen.”
“Ballonnen!” joelt hij blij.

Als we net de snelweg zijn opgedraaid, gaat mijn telefoon.
Het is de anesthesist.
Hij heeft begrepen dat Tom erg heftig is, en tja, zo’n bezoekje heeft weinig zin als je niet kunt onderzoeken en niet rustig kunt praten.
“Ja. Inderdaad.”
“Dus, in dit geval kan het ook wel even telefonisch.”

“Schat, neem de eerste afslag naar huis maar.”
Mijn man schudt eerst zijn hoofd en knikt dan.
“Oh, u was al onderweg?” vraagt de man aan de telefoon. “Dat is wel erg omslachtig voor u.”
Ik adem diep in en uit.
“Ach, we zijn wel wat gewend hoor.”

Op de achtergrond roept Tom:
“Cadeautje! Rozijntjes! Chippies! Ballonnen!”

Advertenties

5 thoughts on “De anesthesist

  1. Gelukkig. Toch nog iemand die je serieus neemt. Ik heb achteraf wel eens een brief op hoge poten geschreven waarom dit ‘onderzoek’ niet per telefoon kon. Maar daar was men niet van gediend en we moesten ons gewoon aan de regels houden. Het was heel erg belangrijk dat de dokter hem zelf zag. (En vervolgens niets kon en mij drie vragen stelde).

  2. Fijn. Een arts die dit inlevingsvermogen toont en zelf belt. Wat een opluchting!

    Vervelend weerbarstig dat systeem van mensen in de zorg (én elders) waar ieder individu door de bank genomen echt zijn/haar best doet en zelf onderdeel geworden is van het systeem zonder zich daar (vaak) voldoende bewust van te zijn…

  3. Ach, de meeste mensen vragen er zelf om door ‘meer controle’ te roepen en te verwachten dat er geen ‘misstanden’ meer gebeurden (‘schande!’), niet beseffende dat die uitspraak soms het schot naar achteren toe lost en dan weer verbaast te zijn dat ‘de regels strenger worden’ (‘schande!’) Ja wat willen we nou? Instanties willen zich indekken tegenover grove fouten die meestal op mensenwerk berusten, en toch menselijker worden en maatwerk leveren. Een bijna onmogelijke opgave voor beide kanten.

    Maar ik kan erover meepraten hoor, protocollen gaan voorbij de beleving van de client wat de situatie soms nog veel erger maakt.

  4. Dit doet me zo denken aan een scene die Anita Speelman beschrijft in haar boek Hartsverbinding. Niet het telefoontje met de anesthesist, maar het bezoek aan het ziekenhuis om te kijken of haar kind doof is. Hij is totaal overweldigd en Anita rent continu achter hem aan. Alle informatie vooraf werd ook afgedaan als ‘we zijn wel wat gewend’. Maar dus niet haar kind.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s