Lachen mag!

We zitten aan tafel. We eten. Het is zeldzaam rustig. Ineens begint Tom te kletsen.
“Komt u bij mee theedrinken, meneer?” “Alstublieft, zegt Jip.” (Jip & Janneke)
“Als de neuzen kriebelen, dan moet alles wiebelen.” (Zandkasteel)
“Doe je mee Sara-Lyn? Nee, liever niet.” (Little People)
“Draai de kraan open! Draai de kraan open!” (Teletubbies)
“Niet zo snel! De dieren vallen er bijna uit!” (Baby-tv)
Het is even stil.
We lachen. We zijn dit gewend, maar het blijft grappig. Al die one-liners achter elkaar van een kind dat verder zo weinig praat.
We eten door. Tom ook.
Dan roept hij ineens:
“Rianne, níet afblijven!”
“Rianne, ga maar naar de gang!”
Rianne, die rustig zit te eten, kijkt gespeeld verontwaardigd op. Weer moeten we lachen.
Ineens kijkt Tom om zich heen, hij lijkt ons te zien, en lacht mee.

We hebben net 2 weken vakantie gehad. Tom gaat nog niet naar school, want de leerkrachten hebben een studiedag. Hij lijkt het niet te begrijpen. Papa gaat weer werken, Rianne gaat weer naar school, hij wil ook wel.
“School?” vraagt hij. “Gymmen op school?”
“Nee lieverd, je blijft nog een dagje bij mama. Gezellig hè?”
Hij kijkt bedenkelijk.
We spelen wat, we kijken wat, hij speelt wat, ik vouw wat was. Dan komt hij naar me toe met een eureka-blik en zegt: “Is Tom beetje ziek?”
Hoe hij dat zegt. Dat hij dit zegt. Het komt recht bij me binnen. De slimmerik.
Vertederd vertel ik hem dat hij niet ziek is, maar gewoon een dagje vrij.

We fietsen op de duofiets. We gaan zusje Rianne uit school halen. Op de heenweg zit Tom joelend op de fiets. Hij zingt “in de maneschijn” met gebaren. Ik ben blij met zijn vrolijkheid en zing – zonder gebaren – mee. We lijken even samen op de wereld. Het wachten op het schoolplein is lastig, maar met een koekje erbij lukt het best.
Dan gaat de schooldeur open. Tom kijkt. Halverwege komt Rianne naar buiten dartelen.
Tom steekt zijn arm uit en wijst. “Heeeee!” roept hij blij.
Rianne rent naar ons toe. Ook zij roept: “Heeeee!”
Broer en zus geven elkaar een knuffel. Ik smelt. Ik lach.

Ik breng Tom naar bed. Op zijn bed liggen flink wat knuffels. Als altijd stapt hij blij zijn bed in. Als eerste is de kikker aan de beurt. Tom pakt hem stevig beet.
“Isse mooie kikker!” en *smak*, kikker heeft een kus te pakken.
Dan pakt hij de koe, en begint te zingen.
“Ommekdonnals hedde farm, hiahiahoo. En een koe koe hier en een koe koe daar…” blij zingt hij tegen de koe.
“Tom, ga je lekker slapen?”
Als hij me weer ‘ziet’, lacht hij naar me.
“Ga je lekker slapen?” herhaalt hij.
Dan pakt hij met twee handen mijn gezicht vast. “Is mooi!” en geeft me een dikke kus op mijn mond.

We lachen wat af. Wat een kind. Wat maakt hij me vaak aan het (glim)lachen. Wat brengt hij – ondanks alles – veel blijheid in huis. Vertedering, hoop, liefde. Dit kind, ons kind.

Advertenties

5 thoughts on “Lachen mag!

  1. ontroerend mooi stukje, diep geraakt door de liefde voor Tom. Een dagje met dit unieke blije kind van jou en je man, geeft ons leven een bijzondere dimensie als grootouders! Dank je voor deze stukjes waarin we mogen delen in jullie leven. Els

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s